Grunberg de positieve nihilist

Welk soort nihilisme vinden we bij Grunberg?

Arnon Grunbergs bundel Voetnoot, een eerste verzameling begint met 31 vragen aan Arnon Grunberg. Een van die vragen is: “Wie citeert u bij voorkeur in uw Voetnoot?”, waarop Grunberg antwoordt  “socioloog Joop Goudsblom”, schrijver van het bekende proefschrift Nihilisme en Cultuur (1960). Waarom kiest Grunberg juist deze socioloog? Impliceert dit dat Grunbergs voetnoten dan ook zijn geschreven vanuit een nihilistisch standpunt?

“Wie nog gelooft dat de belangen van politici samenvallen met de belangen van de burgers die op hen stemmen, heeft van naïviteit een serieuze hobby gemaakt”. Het zal maar het eerste zijn wat een lezer gezegd wordt, ’s ochtends bij zijn kopje koffie. In aforismen als deze, veelvuldig aanwezig in Grunbergs voetnoten, staat de zoektocht naar waarheid centraal. Maar een al te hardnekkig streven naar waarheid kan gemakkelijk leiden tot nihilisme: Wie maar lang genoeg blijft zoeken naar fundamenten onder de fundamenten, vindt niks. Dan lijkt de uitroep: “Waarheid bestaat niet, alles is geoorloofd” gerechtvaardigd, met rampzalige gevolgen. Het nobele streven naar waarheid kan zichzelf ten gronde richten.

Het nihilisme volgens Joop Goudsblom
Joop Goudsblom zet zich in zijn proefschrift af tegen deze tot zinloosheid leidende dooddoener: “Waarheid bestaat niet, dus alles is geoorloofd”. Zo maakt hij een onderscheid tussen het passieve en actieve nihilisme. Hierbij wordt de eerste inderdaad gezien als een intellectuele vertwijfeling die moe en berustend maakt, zorgt dat er geen uitweg is in zinloosheid en leidt tot een chronische toestand van ontgoocheling die je mentaal uitput. Daar tegenover staat het actieve nihilisme, dat grote vruchtbare energie losmaakt, bestaande doelstellingen, overtuigingen, geloofsartikelen vernietigt en daardoor ruimte schept voor een nieuwe bestaanswijze.

Noodzaak van waarheid
Deze actieve vorm van nihilisme lijkt veel beter te passen bij columnist Grunberg, dan het moedeloos makende passieve nihilisme. Goudsblom stelt ook dat hij de slagzin liever omdraait naar “Alles is geoorloofd, als niets waar is” en concludeert daaruit dat de mens kennelijk waarheid nodig heeft om elkaar niet de hersens in te slaan. Ook deze opvatting sluit beter aan bij Grunbergs zoektocht naar waarheid: hij ontmaskert illusies om ruimte te maken voor een werkelijkheid die dichter bij een waarheid ligt. Een kopje koffie kan na het lezen van Voetnoot minder goed smaken, maar Grunberg kan geen nihilist in de negatieve zin van het woord genoemd worden. Grunberg richt onze illusies ten gronde, maar alleen om ruimte te maken voor een waarheid die recht doet aan onze werkelijkheid. 

– Jennifer Aardema

Recent Related Posts

Reacties zijn gesloten.