Grunberg en de Grote Drie

Met het aftellen telt alleen Grunberg mee

Nu de Grote Drie – Willem Frederik Hermans, Gerard Reve en Harry Mulisch – zijn overleden, wordt er binnen de journalistiek druk gezocht naar de Nieuwe Drie. Kennelijk bestaat er een drang naar het benoemen van zulke literaire reuzen en nu er geen Grote Drie meer zijn, moet er een Nieuwe Drie komen. De meest voorkomende namen voor de Nieuwe Drie zijn Thomas Rosenboom, A.F.Th. van der Heijden, Joost Zwagerman en Arnon Grunberg. Maar dit roept een aantal vragen op. Want wat is eigenlijk een groot schrijver? En moeten het er echt weer drie zijn?

Harry Mulisch de IIe
In een blog op NRCnext.nl van 1 november 2010 wordt een aantal kenmerken en opvallende zaken gegeven waaraan de Nederlandse schrijvers zich kunnen meten, willen zij een groot schrijver worden. De kenmerken worden ontleend aan de zogenaamde ‘keizer’ van de Grote Drie, Harry Mulisch, en de ingrediënten van een groot schrijver zouden onder andere een getormenteerde jeugd en autodidact moeten zijn. Met deze kenmerken valt een groot aantal schrijvers af, en dat lijkt meer te zeggen over de kwaliteit van de kenmerken, dan over de kwaliteit van de schrijvers. Er wordt immers gezocht naar de Nieuwe Drie, niet naar Harry Mulisch de tweede. Maar wat maakt een schrijver dan een groot schrijver?

Een groot schrijver
Nathalie Heinich heeft in haar boek Être écrivain onderzoek gedaan naar wat een schrijver een groot schrijver maakt en stelt daarin een schrijver ten eerste altijd in een traditie van voorgangers staat en ook met hen vergeleken zal worden. Een groot schrijver verhoudt zich tot deze traditie door zich of ertegen te verzetten, of zich ermee te identificeren. Verder wordt de identiteit van een groot schrijver niet alleen door het schrijven bepaald, maar ook door zijn naam. Men spreekt dus van ‘de nieuwe Mulisch’, in plaats van de nieuwe roman Siegfried.

Een groot schrijver dient bovendien een actieve houding aan te nemen en deze houding kenmerkt zich door en unieke uitstraling en levenshouding. Een bijzondere persoonlijkheid, kortom. Maar belangrijker is dat de schrijver zich op meerdere maatschappelijke vlakken beweegt: hij levert kritiek, neemt (politieke) standpunten in en formuleert meningen over het culturele en maatschappelijke leven. Door zich op meerdere (maatschappelijke en culturele) vlakken te bewegen, kan een groot schrijver zogenaamde unieke evenementen creëren door gebruik te maken van zijn status (bijvoorbeeld in interviews, columns of televisieoptredens).

De Nieuwe…
Met deze kenmerken in ons achterhoofd, lijkt er maar weinig keuzemogelijkheid te zijn. Eigenlijk is er slechts één Nederlandse schrijver die zich op zo’n manier profileert, en dat is Arnon Grunberg. Hij toont zich meer dan de andere genomineerden maatschappelijk betrokken, uit zijn cultuurkritiek, doorbreekt taboes én plaatst zich in de traditie. Hij heeft zich namelijk expliciet in de traditie geplaatst door het essay De Grote Drie te schrijven, dat verscheen in de Volkskrant op 31 december 2010, en later in boekvorm (2011). Bovendien is hij in bijna elk genre actief: hij schrijft columns, novellen, toneelstukken, blog-teksten, romans, brieven, essays en gedichten.

Hij excelleert eveneens in het creëren van een bijzondere verschijning en maakt overal iets spectaculairs van. Bijvoorbeeld van zijn boekpresentaties: zo werd De Asielzoeker gepresenteerd door een vijfdaagse boottocht met geit Carmen. Hij spreekt tot de verbeelding, want niemand lijkt de persoonlijkheid van Grunberg echt te kunnen vatten, waardoor zijn naamsbekendheid alleen maar groter wordt.

Bovendien durft Grunberg grenzen te doorbreken en onbespreekbare onderwerpen aan te snijden. Pieter Steinz schreef bijvoorbeeld naar aanleiding van De Joodse Messias: ‘Over de Tweede Wereldoorlog mag je geen grappen maken; Israël mag je niet kritiseren; met de joden moet je medelijden hebben – allemaal afgedankte idees recues waaraan Arnon Grunberg, zelf zoon van joodse oorlogsslachtoffers, geen boodschap heeft.’. Grunberg doorbreekt taboes, en uit zich kritisch ten opzichte van de maatschappij door zijn dagelijkse Voetnoten in de Volkskrant, maar ook in zijn columns en romans.

Misschien heeft Geert Buelens, Hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Universiteit Utrecht gelijk, en gaat het helemaal niet meer om een Grote Drie. De ‘grote drie’ was een ding was van de vorige eeuw. ‘Deze eeuw draait het om één schrijver: Arnon Grunberg.’

– Ben Huizinga

Recent Related Posts

Reacties zijn gesloten.