De ontmaskering van het absolute

‘Wie zichzelf opnieuw uitvindt, moet zijn oude ik tot de bodem toe afbreken,’ stelt Jeroen Vullings in een artikel over Grunbergs alter ego, Marek van der Jagt. Er bestaat onder academici en critici consensus over een verandering in het schrijverschap van Grunberg vanaf De Asielzoeker, oftewel na deze heruitvinding. Ook de schrijver zelf alludeert in interviews op het bestaan van een ‘vroege’ en ‘late’ Grunberg. Nu is Grunberg een auteur die zijn literatuuropvatting niet bepaald onder stoelen of banken steekt: in essays, interviews en zijn blog bijvoorbeeld bespiegelt Grunberg regelmatig expliciet over de aard en functie van literatuur. De vraag dringt zich op of Grunbergs poëticale uitspraken ook blijk geven van een verandering. Door Bart Geurden

Grunberg de geïnterviewde

Arnon Grunberg schuwt kranten noch tijdschriften voor het geven van interviews. Tevens is hij te zien op televisie en te horen op de radio. Maar wat is nou het beeld dat op grond van deze interviews van de bekende schrijver ontstaat? Zoveel interviews, zoveel beelden? Of is het beeld dat Grunberg van zichzelf neerzet in de media consistent? Door Leonie Wolterink